AaDavid.gif (4228 bytes)

 

 

 

Sjofar1.jpg (5747 bytes)

Davidarkgroot.jpg (47332 bytes)

 

 

Sjofar2.jpg (5862 bytes)

 

 

 

 

 

 

Dansen voor het aangezicht van God 

De schepping danst als het ware voor het aangezicht van God. De dans is de meest volledige expressie van dank aan de Schepper. Alle delen van de mens doen mee in een werveling van vreugde, waaraan de hele schepping deelneemt. Al wat leeft en beweegt prijst de Schepper: De zee bruise en haar volheid, de wereld en wie in haar wonen; dat de stromen in de handen klappen, de bergen tezamen jubelen (Ps. 98:7-8). Zelfs de hemellichamen sluiten zich met hun cirkelgangen aan bij deze onophoudelijke reidans ter ere van de Maker van het al: Looft Hem, zon en maan, looft Hem, alle gij lichtende sterren (Ps. 148:3). De dans is direct en totaal. Dienaar en ritueel vallen samen. De scheiding tussen lichaam en ziel wordt in de dans tenietgedaan. Het lichaam beweegt zich geestelijk, de geest zich lichamelijk (G. van der Leeuw).

Met Vreugde der Wet danst de joodse gemeenschap met de Tora, zoals een bruidegom met zijn bruid. David danste uit alle macht, toen hij de ark met de stenen tafelen - Gods geschreven woord - naar Jerusalem bracht. Hij eert God en Zijn geboden met lichaam en ziel. Hij verootmoedigt zich op drie manieren, met zijn lichaam: En David danste met alle kracht in het rond voor het aangezicht van de Eeuwige (II Sam. 6:14); met zijn kleding: David nu was omgord met een linnen lijfrok (ibid.); door zijn gemeenschapszin: David en het gehele huis IsraŽls deden de ark IsraŽls opgaan onder gejubel en de klank van de ramshoorn” (ibid. 15). Davids dans geeft uitdrukking aan totale verootmoediging voor God en getuigt van de gelijkwaardigheid van alle mensen voor het oog van de Allerhoogste.

David deed al eerder zijn eigen eer en belang wijken voor die van God, toen hij weigerde de hand aan Gods gezalfde Sja’oel te slaan om zelf snel koning te kunnen worden. Sja’oel stelde zijn eigen belang daarentegen hoger dan Gods belang, omdat hij niet op Sjmoe’el wachtte met offeren vlak voor de strijd met de Filistijnen (I Sam. 13). Michal, die opgroeide in het huis van haar vader, doet net als Sja’oel eigen menselijke eer prevaleren boven die van de Allerhoogste en zij verwerpt daarom het gedrag van haar echtgenoot.

Michal werpt David voor de voeten “dat gehuppel, gedans en overdreven blijdschap de mens gewennen aan lichtzinnigheid en leiden tot gelach, spotternij en het verdwijnen van vreze des Heren.” Davids antwoordt aan Michal dat hij juist in zijn dansen ootmoed toont voor het Aangezicht van de Eeuwige: Voor het aangezicht van de Eeuwige heb ik gedanst. Ja, ik zal mij nog geringer gedragen dan ik deed (II Sam. 6:21). Maimonides maakt de dans van David tot voorbeeld van de totale inzet voor Gods geboden, met lichaam en ziel. Naar aanleiding van de muziek en vreugdedansen van de vromen, oudsten en ‘mannen van daad’ tijdens het loofhuttenfeest in de tijd van de Tweede Tempel merkt Maimonides op: 

“En David danste met alle kracht in het rond” (II Sam. 6:14). Want de vreugde waarmee een mens zich verblijdt over het doen der geboden en over de liefde tot God die Hij hun opgedragen heeft, dat is een groots werk. Ieder die zich van deze vreugde onthoudt, is verantwoording verschuldigd, want er is gezegd: Omdat gij de Eeuwige, uw God, niet met vreugde en goedheid van hart gediend hebt (Deut. 28:47). Ieder nu die zichzelf in gedachten groot maakt en zichzelf eer toebedeelt en in eigen ogen geŽerd is op die plaatsen, begaat een misstap en is dwaas. Daarvoor waarschuwt Sjlomo met de woorden: Je zult niet pralen in het bijzijn van de koning (Spr. 25:6). Maar ieder die zichzelf verootmoedigt en zijn lichaam [uiterlijk vertoon] gering acht op die plaatsen, die is groot, geŽerd en hij is iemand die uit liefde handelt. En zo sprak David, de koning van IsraŽl: Ik zal mij nog geringer gedragen dan ik deed en in mijn ogen gering zijn (II Sam. 6:22). Grootheid en eer is dan ook niets anders dan je te verheugen voor het aangezicht van de Eeuwige, want er is gezegd: En Koning David huppelde en danste in het rond voor het aangezicht van de Eeuwige (vgl. II Sam. 6:14 + 16; Maimonides [1134-1204], Misjnť Tora, Hilchot Loelav).        

Dansen voor God betekent volkomen overgave. Het is de vervulling van een gebod zich te verblijden over Gods schepping en Zijn Tora. In de dans laten wij alle eigendunk varen. Wij laten zien, dat God dienen geen last is, maar opwelt uit liefde en de goedheid van ons hart. In de dans sluiten wij ons aan bij de gehele schepping, die voortdurend in beweging is en als het ware danst ter ere van de allerhoogste.


©  2000 dr. Marcus van Loopik
Alle rechten voorbehouden. Niets van de tekst of van de afbeeldingen van de etsen mag  

op welke wijze dan ook worden vermenigvuldigd  zonder mijn voorafgaande toestemming.

De originele etsen zijn in beperkte oplage verkrijgbaar. Oningelijst € 280,- per stuk,
ingelijst € 340,- per stuk (beeldafmeting 30 cm. bij 40 cm.; lijst 50 cm. bij 60 cm.).


MailF1F2.gif (4196 bytes) Voor reacties en bestellingen van grafiek:e-mail: mailknop.jpg (682 bytes)

 

mainbuttonhome.jpg (1520 bytes)